Aanmelding, Toelating en Weigering

Aanmelding en toelating van nieuwe leerlingen; zorgplicht

Er is een wettelijk kader rondom aanmelden en toelating van nieuwe leerlingen. Daarnaast is, met de invoering van het passend onderwijs, de zorgplicht voor scholen geïntroduceerd. Deze zorgplicht maakt sindsdien onderdeel uit van deze regelgeving. Onderstaand wordt uiteengezet hoe de aanmelding en toelating van nieuwe leerlingen verloopt en wat daarop de eventuele invloed van de zorgplicht is.

Met “aanmelding” wordt bedoeld dat ouders aan de school van hun keuze schriftelijk aangeven dat zij daar hun kind als leerling toegelaten willen zien. Vervolgens moet het schoolbestuur (in de praktijk: de schoolleiding) hierover zo snel mogelijk, maar in principe binnen zes weken, een beslissing nemen. Deze termijn kan, mits meegedeeld aan de ouders, eenmaal met maximaal vier weken worden verlengd. Als het verzoek wordt ingewilligd, is er sprake van toelating en wordt het kind daadwerkelijk als leerling ingeschreven.

Aanmelden kan vanaf de dag dat een kind de leeftijd van drie jaar bereikt. Op jongere leeftijd kan namelijk nog niet voldoende worden ingeschat of een kind extra ondersteuning nodig heeft in het kader van passend onderwijs. Ouders kunnen wel interesse tonen in een bepaalde school of in meerdere scholen, voordat hun kind drie jaar is. Dit wordt een zgn. “vooraanmelding” genoemd. Een vooraanmelding heeft geen wettelijke basis. De schoolleiding mag over een vooraanmelding geen toelatingsbeslissing nemen, ook geen voorlopige beslissing. Een vooraanmelding wordt niet automatisch een aanmelding:  als ouders een vooraanmelding hebben gedaan, moet er nog een schriftelijke aanmelding plaatsvinden.

Bij de aanmelding moeten ouders aangeven of en zo ja bij welke school of scholen zij eveneens om toelating van hun kind hebben gevraagd. De ouders kan worden gevraagd om een voorkeur uit te spreken. De school van voorkeur neemt het verzoek om toelating in behandeling.

Toelating van een aangemelde leerling is het uitgangspunt, weigering de uitzondering. De school besluit over de toelating en deelt dit schriftelijk aan de ouders mee.

Er zijn (voor het openbaar onderwijs) drie weigeringsgronden:

  1. De groep is vol
  2. Er dreigt ernstige verstoring van de rust en orde binnen de school
  3. De school kan de nodige ondersteuning niet bieden

Ad 1.

Toelating tot de groep vindt plaats tot een bepaald onderwijskundig verantwoord geacht maximum aantal leerlingen. Hoe hoog dat aantal is, zal van school tot school en groep tot groep kunnen verschillen

Ad 2.

Een weigering vanwege dreigende verstoring van de rust en orde kan betrekking hebben op het gedrag van het kind maar ook op dat van zijn ouders. Vaak is in een dergelijke situatie het kind afkomstig van een andere school, die de leerling verwijdert. Bij de besluitvorming vormen de door de school vastgestelde gedragsregels het toetsingskader en moet er een zorgvuldige inschatting worden gemaakt van de kans op herhaling van het norm-overschrijdend gedrag.

Ad 3.
Zorgplicht

Indien de beide genoemde weigeringsgronden niet aan de orde zijn, heeft de school van aanmelding “zorgplicht”. Deze verplichting is ingesteld met de invoering van passend onderwijs. De zorgplicht houdt in, dat scholen ervoor verantwoordelijk zijn om alle leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben een passende plek te bieden. Het gaat daarbij niet alleen om leerlingen die worden aangemeld, maar ook om leerlingen die al op school zitten.

De school zoekt in overleg met de ouders een passende plek voor hun kind. Dit kan op de eigen school zijn of, als de school niet de juiste begeleiding kan bieden, op een andere reguliere of speciale school. In het schoolondersteuningsprofiel heeft de school vastgelegd welke ondersteuning zij kan bieden.

Het is niet mogelijk om in het algemeen aan te geven wanneer een school een kind kan weigeren onder verwijzing naar het niet kunnen bieden van de vereiste ondersteuning. Uitgangspunt bij deze beslissing is een afweging van de individuele belangen van het kind tegen het algemeen belang van de school, waarbij o.a. het schoolondersteuningsprofiel wordt betrokken. Als na zorgvuldig onderzoek de school besluit om de leerling niet toe te laten, moet zij een andere school vinden die het kind wel kan toelaten en daar ook toe bereid is. Pas dan vervalt de zorgplicht van de school waar de leerling eerder was aangemeld.

Het besluit om de gevraagde toelating te weigeren, is (in het openbaar onderwijs) een besluit waarop de Algemene Wet Bestuursrecht van toepassing is. Dit betekent dat een dergelijk besluit goed moet worden gemotiveerd en een bezwaarclausule bevat. Hierin staat dat als de ouders het niet eens zijn met de inhoud van het besluit, zij hier binnen zes weken na dagtekening een bezwaarschrift tegen kunnen indienen.

Weigering 

Het schoolbestuur beslist of kinderen worden toegelaten. Basisscholen kunnen kinderen weigeren als het aantal aangemelde kinderen groter is dan het aantal beschikbare plaatsen. Dat wil zeggen dat kinderen niet afgewezen maar later worden toegelaten en op een wachtlijst worden geplaatst.

Als een openbare basisschool geen plaats heeft, moet het bestuur van de school er voor zorgen dat het kind (tijdelijk) op een andere school van het bestuur wordt toegelaten.
Het schoolbestuur is verplicht aan de ouders schriftelijk uit te leggen waarom kinderen worden geweigerd. Ouders kunnen binnen zes weken schriftelijk bezwaar maken en het schoolbestuur moet binnen vier weken, nadat de ouders zijn gehoord, een nieuwe beslissing nemen.